Naar de inhoud
Techniek

Acht golfregels die bijna iedereen verkeerd toepast

Acht regels die iedere ronde voorkomen en die bijna iedereen verkeerd toepast, van droppen op kniehoogte tot drie minuten zoeken en de vrije drop bij tijdelijk water.

La rédaction Panxis Golf, Nederland-desk (Daan van der Berg) · · 6 min
Golfer bekijkt een scorekaart
Photo Jopwell / Pexels

Kort

  • Droppen gebeurt vanaf kniehoogte, binnen een vooraf bepaald gebied.
  • Losse natuurlijke voorwerpen mogen uit de bunker; zand aanraken niet.
  • Drie minuten zoeken, en kondig een provisionele bal hardop aan.
  • Plaatsen mag alleen als de commissie het die dag heeft ingesteld.

Sinds de herziening van 2019 zijn verschillende regels eenvoudiger dan vroeger, en toch worden ze in bijna elke gezelligheidsronde verkeerd toegepast. De volgende acht kosten slagen, of geven er ten onrechte weg, en ze zijn in tien minuten te leren.

Het gaat daarbij zelden om spitsvondigheden. Het gaat om situaties die iedere ronde voorkomen: een bal die in de rough verdwijnt, een bal die per ongeluk beweegt, een drop na een straf. Wie die vier of vijf standaardgevallen kent, speelt sneller, discussieert minder en tekent aan het eind een kaart die klopt.

De vlaggenstok mag blijven staan

Je mag putten met de vlaggenstok in de hole, zonder straf, ook vanaf de green. Wat sinds 2019 is onderzocht wijst niet duidelijk één kant op: op snelle greens en bij lange putts kiezen veel spelers ervoor hem te laten staan, op langzame greens maakt het weinig uit.

Speel dus zoals het je bevalt, en laat je medespelers hetzelfde doen. De enige praktische afspraak die telt is dat je het vooraf even zegt, zodat niemand halverwege de green naar de stok loopt.

Droppen gebeurt op kniehoogte

Niet meer vanaf schouderhoogte. Je dropt staand, vanaf kniehoogte, en de bal moet in het dropgebied blijven liggen. Rolt hij eruit, dan drop je opnieuw; rolt hij er een tweede keer uit, dan plaats je hem op de plek waar hij bij die tweede drop de grond raakte.

Belangrijker dan de hoogte is het gebied. Bij de meeste vrije en strafdrops meet je één of twee stoklengtes vanaf het referentiepunt, nooit dichter bij de hole, en dat gebied bepaal je vóórdat je dropt. Wie eerst dropt en daarna kijkt, dropt vrijwel altijd te ruim.

Losse natuurlijke voorwerpen in de bunker

Bladeren, steentjes, takjes en afval mogen sinds 2019 uit een bunker worden weggehaald, en dat scheelt in het Nederlandse najaar meer dan een slag per ronde.

Verboden blijft: de ondergrond testen, het zand vlak voor of achter de bal aanraken, en het zand raken in de achterswing. Leunen op je stok in het zand valt daar ook onder, en dat is de meest voorkomende onbedoelde overtreding.

De per ongeluk bewogen bal op de green

Op de green geldt: geen straf, terugleggen op de oorspronkelijke plek. Dat geldt ook als je de bal met je putter, je voet of de vlaggenstok raakt terwijl je hem niet wilde spelen.

Elders op de baan kost het je één slag, met één belangrijke uitzondering: tijdens het zoeken naar je bal is er geen straf als je hem per ongeluk beweegt. Je legt hem terug en speelt verder, en juist die uitzondering wordt zelden toegepast.

Drie minuten zoeken

De vijf minuten van vroeger werden er drie, en ze beginnen zodra je op de vermoedelijke plek aankomt, niet zodra je de bal uit het oog verloor. Daarna is de bal verloren, ook als iemand hem tien seconden later ziet liggen.

Het is de regel met de grootste invloed op het speeltempo en de meest genegeerde. Wie hem toepast en de klok laat lopen, speelt op een drukke zaterdag merkbaar sneller dan de flight ervoor.

De provisionele bal

Bij twijfel: het woord provisioneel hardop zeggen en meteen opnieuw slaan. De aankondiging is verplicht, en zonder die aankondiging wordt de tweede bal automatisch de bal in het spel met slag en afstand, ook als je de eerste alsnog vindt.

De winst is groot: hij bespaart de terugloop naar de afslag en daarmee de file achter je. Speel de provisionele bal ook echt tot bij de plek waar de eerste zou liggen, en gebruik hem pas nadat je drie minuten hebt gezocht.

De plaatselijke regel voor slag en afstand

Veel banen voeren de plaatselijke regel in die je tegen twee strafslagen laat droppen aan de rand van de fairway ter hoogte van waar de bal verloren ging of buiten de baan raakte, in plaats van terug te lopen naar de afslag.

Twee voorwaarden: hij geldt niet in wedstrijden op hoog niveau, en hij bestaat alleen als de baan hem daadwerkelijk heeft ingevoerd. Dat staat op de scorekaart of op het bord bij hole 1, en dat is de reden om dat bord één keer per baan te lezen.

Winterregels zijn ook een plaatselijke regel

Plaatsen en schoonmaken, in de wandelgangen winterregels, geldt alleen wanneer de commissie het voor die dag heeft ingesteld, en alleen in het algemene gebied tenzij het bord anders vermeldt. Meestal gaat het om een scorekaartlengte, en de bal moet worden teruggelegd op de nieuwe plek, niet gedropt.

Ervan uitgaan dat het altijd mag is een van de gebruikelijkste manieren om een verkeerde kaart te tekenen. Van november tot maart staat het op vrijwel elke Nederlandse baan aangekondigd, van mei tot september vrijwel nergens.

Vrije drop bij tijdelijk water

Deze hoort in Nederland in elke lijst thuis. Staat er water op de grond dat zichtbaar wordt als je normaal gaat staan, dan is dat tijdelijk water en heb je recht op een vrije drop binnen één stoklengte van het dichtstbijzijnde punt van volledige ontwijking, niet dichter bij de hole.

Dat geldt ook in een bunker, met de beperking dat je binnen de bunker moet blijven; kan dat niet, dan mag je tegen één strafslag buiten de bunker droppen op de lijn achter de bal. En het geldt ook op de green, waar je de bal plaatst op het dichtstbijzijnde punt zonder water, wat na een najaarsbui vaker voorkomt dan je zou denken.

Waar je het in Nederland nakijkt

De officiële tekst komt van de R&A en de USGA; de NGF publiceert de Nederlandse versie en er is een gratis regelapp die offline werkt, wat achterin de baan het enige is dat telt. De app beantwoordt de meeste vragen binnen een minuut, inclusief de dropprocedures met tekeningen.

Wil je de regels echt leren in plaats van ze op te zoeken, dan geven regionale regelavonden en clubcursussen daar in de winter gelegenheid toe, vaak voor een symbolisch bedrag in euro’s. Clubs zoeken bovendien permanent vrijwillige referees voor jeugdwedstrijden en clubkampioenschappen, en dat is de snelste manier om het te leren.

Het secretariaat van je eigen baan kent de plaatselijke regels beter dan welk document ook, en die hangen bij de eerste afslag. Kan een flight er niet uitkomen, dan is het eerlijke antwoord twee ballen spelen, aankondigen welke moet tellen, en het na de ronde aan de commissie voorleggen in plaats van te gokken. Panxis Golf heeft geen commerciële band met de genoemde organisaties.

Twee die je slagen besparen

De eerste: een bal die tegen een obstakel of een baanmarkering ligt. Vaste obstakels zoals sprinklerkoppen, paden met een harde verharding en schuilhutten geven recht op een vrije drop, ook als het obstakel alleen je stand hindert. Grensmarkeringen daarentegen zijn geen obstakels: die mag je niet weghalen en die geven geen vrije drop.

De tweede: een onspeelbare bal. Dat mag je overal op de baan verklaren, behalve in een hindernis met water, en je hebt tegen één strafslag drie opties: terug naar waar je sloeg, twee stoklengtes zijwaarts, of zo ver achterwaarts op de lijn als je wilt. Die derde optie wordt bijna nooit gebruikt en is vaak de beste.

De acht, samengevat

  • Vlaggenstok mag blijven staan, ook bij een putt van de green.
  • Droppen vanaf kniehoogte, binnen een vooraf bepaald gebied.
  • Losse natuurlijke voorwerpen mogen uit de bunker; zand aanraken niet.
  • Bal per ongeluk bewogen op de green of tijdens het zoeken: geen straf.
  • Drie minuten zoeken, en een provisionele bal hardop aankondigen.
  • Slag en afstand tegen twee straffen alleen als de baan die regel voert.
  • Plaatsen mag alleen als het die dag is ingesteld.
  • Tijdelijk water levert een vrije drop op, ook in de bunker en op de green.

Wie deze acht kent, discussieert nooit meer op de baan en tekent aan het eind een kaart die klopt. Dat is het hele doel van regelkennis voor een clubspeler.

Is één artikel per dag niet genoeg?

De maandbrief bundelt wat de moeite waard was, zonder ruis.

Ook lezen